Een dagje ruilen met de juf?

Mijn oudste, inmiddels net vijf, is vorig jaar begonnen op de basisschool. Omdat het ‘reguliere’ klassikale onderwijs voor mij niet werkt(e) en je als ouder toch (soms onterecht) de neiging hebt je eigen voorkeuren op die van je kinderen te projecteren, kozen we voor de Montessorischool Bilthoven. Wat bracht het mij? Wellicht een gekke vraag om aan een ouder te stellen. Het bracht mij niet eens zozeer wat als ouder, maar wel als docent!

Ik breng en haal mijn kind (als papa of oma dat niet doen) naar school en heb het grote genoegen om een uurtje per week als ouder te mogen assisteren in de klas. Nu is mijn kleuter er een die van ‘latent verwerken’ houdt. Wij krijgen regelmatig flarden van zijn dag in de middag of avond (of nacht) verteld. Vorige week kwam hij thuis met de mededeling: ‘Juf zei dat ik bepaal of zij aardig is of boos’. De school maakt gebruik van het programma ‘the leader in me‘. Ik quote: “een pedagogische leerlijn die kinderen op een speelse manier 7 gewoonten aanleert gericht op persoonlijke groei en relaties met anderen.” Als ik kort aan de juf vraag of zij wellicht de uitspraak van mijn kleuter kan plaatsen, wordt snel duidelijk dat zij het over de gewoonte ‘wees proactief’ heeft gehad de vorige dag. Die 7 gewoonten zouden binnen een leerlijn academische vaardigheden voor ‘mijn’ studenten ook niet misstaan. Wees proactief, maak een plan, belangrijke zaken eerst etc. Open deuren wellicht, maar oh zo makkelijk om te ‘vergeten’ toe te passen.

Diezelfde kleuter kiest ook graag zijn eigen leerpad en observeert graag. Zo moppert hij sinds de start van zijn groep 2 avontuur dat ‘hij nu niemand heeft om bij af te kijken’ nu de oudere kinderen naar groep 3 (a.k.a. ‘de middenbouw’) zijn. Het Montessori-onderwijs (en ik ben geen onderwijskundige dus wellicht sla ik hier de plank wat mis), past naar mijn smaak het best binnen de (latere) stroming van (sociaal) constructivisme. Leren door te doen, door te observeren, met elkaar, vooral ook door fouten te maken waarbij een docent een meer verbindende en verdiepende rol heeft. Combineren van eerder geleerde zaken. Is dat niet wat ik bij mijn studenten ook zo graag zou zien? Leren van elkaar, door elementen bij elkaar te ‘rapen’, door te experimenteren, waarbij ruimte is om ‘fouten’ te maken, waarbij ze hun eigen pad kiezen? Intrinsiek gemotiveerd? En waarbij ik veel meer zou begeleiden in plaats van zenden?

Wat bracht het hebben van een kind op de basisschool mij? Veel! Er valt zoveel van elkaar te leren! Een uurtje in de week meehelpen, een goed gesprek met de juffen, informatieve ouderavonden: Het gaf en geeft mij ontzettend veel inspiratie om mijn eigen onderwijs toch weer iets anders vorm te geven. Heel stiekem denk ik weleens: zou ik die juffen niet een dagje in mijn onderwijs kunnen inzetten?

 

 

 

Geef de docent een goede opleiding?

Recent verscheen in Trouw een opiniestuk met de titel “Geef de student een goede docent“. De, naar mijn smaak, toch wat negatieve toon wordt snel gezet. Zo stelt de auteur “Maar als we dan naar docenten in het hoger onderwijs kijken, lijken we het heel normaal te vinden dat zij geen specifieke opleiding volgen […]. Zich constant blijven ontwikkelen hoeven ze ook niet.” Is dat wel zo?

De auteur neemt de binnenbocht. Als we kijken naar het hoger onderwijs, dan zie je dat de studentenpopulatie in de aflopen decennia veranderd is. Er stromen meer studenten door naar het wetenschappelijk onderwijs, er is instroom vanuit het buitenland. Meer algemeen kun je stellen dat de diversiteit toegenomen is. Daarmee is er ook een andere vraag gekomen. Niet dat ik wil stellen dat ‘de student van weleer’ geen goede docent nodig had. Echter, de diversiteit van ons ‘publiek’ vraagt om een andere didactische aanpak. Het was inderdaad gebruikelijk dat je geen specifieke onderwijsopleiding nodig had om docent te mogen zijn, maar laten we niet voorbij gaan aan het feit dat dat wellicht ook minder noodzakelijk was.

Inmiddels werken alle universiteiten met de Basis Kwalificatie Onderwijs die een docent moet behalen.  Ik zie het niet als inhaalslag, maar als antwoord op de veranderende vraag. Toegegeven, eerder werd de BKO nog weleens ‘bij een pakje boter’ weggegeven, maar wie nu als jonge docent aan de slag wil, krijgt wel degelijk hierin een opleiding. Is dat voldoende? En klopt het dat doorontwikkelen niet hoeft, zoals de auteur in Trouw zegt? Wellicht is doorontwikkelen in formele zin geen noodzaak, echter, ook ons onderwijs wordt continu geëvalueerd. Het opiniestuk doet overkomen alsof dat slechts mondjesmaat gebeurd. Een minder goede evaluatie zou in mijn ogen aanleiding kunnen en moeten zijn tot het (verplicht) bijscholen van een docent. Maar hoe dan?

Voor een lerarenbeurs kom je als WO docent niet in aanmerking. Vreemd. Zou een universiteit dan zelf meer tijd (en dus geld) beschikbaar moeten stellen voor doorontwikkeling van de docent? Het opiniestuk zegt, naar mijn smaak terecht, dat de nadruk nog teveel op onderzoek ligt. Als docent is je carrièrepad  toch een doodlopende steeg te noemen. Maar is dat onwil van de universiteiten? Ik denk het niet. Uiteindelijk geldt ook hier ‘it’s all about the money’. Wil je de cultuur op de universiteiten veranderen, kijk dan ook eens kritisch naar het financieringsmodel van het hoger onderwijs.

Mijn ultieme droom: ieder z’n eigen leerpad

Het collegejaar zit erop. Een extra druk jaar door het herontwerpen van mijn onderwijs voor blended learning. Even dreigde een ‘after-onderwijs-dip’. De vraag drong zich op: what’s next? Voor mij is de kwaliteit van mijn onderwijs nooit goed genoeg. Dus was een nieuwe uitdaging snel gevonden: gepersonaliseerd leren!

Ik heb, denk ik, al een behoorlijk aantal van de functionaliteiten van Canvas bekeken én vele ook al gebruikt. Maar Canvas kan nog zoveel meer – lees ik. Ik wil er uithalen wat erin zit. Het zou een gemiste kans zijn als we niet alle functionaliteiten die mogelijk tot verbetering van de kwaliteit van het onderwijs kunnen leiden uitproberen en deze wanneer succesvol ook verder inzetten. Ik ben aan de slag gegaan met het uitproberen van de Canvas-functionaliteit MasteryPaths.

Extra oefenopdrachten of verdiepende opdrachten
Met MasteryPaths kun je studenten een leerervaring bieden, afgestemd op het niveau van hun individuele leerprestaties – op maat dus. Een student die de stof nog niet zo goed beheerst, kun je extra oefenopdrachten geven; en een student voor wie het al gesneden koek is kun je verdiepende opdrachten bieden.

Scenario based learning
MasteryPaths biedt de mogelijkheid om aan onderdelen van je onderwijs(materiaal) ingangseisen te koppelen. Dit wordt wel scenario based learning genoemd. De docent bepaalt welke leerpaden er mogelijk zijn en welke ingangseisen gelden per pad. Je bepaalt dus vooraf wie, welk onderwijsmateriaal, wanneer, mag zien. Het instellen gaat, merk ik, net als eigenlijk alles in Canvas redelijk intuïtief. Misschien zijn er ook leertools voor gepersonaliseerd en adaptief leren buiten Canvas die een waardevolle aanvulling zijn op de Canvas-MasteryPaths. Ik hoop daar na de zomer naar te kunnen kijken.

Niveaudifferentiatie
Mijn ultieme droom is een curriculum met vakken op verschillende niveaus. Enkele meer specialistische vakken zouden dan op een aantal verschillende niveaus gegeven kunnen worden. Als een student het onderwerp goed beheerst, er extra interesse in heeft en er misschien wel op wil afstuderen of een master in wil doen, dan kan die student het vak op het hoogste niveau doen. Doordat die student sneller door de stof heen kan gaan, ontstaat er ruimte voor een extra opdracht, zoals bijvoorbeeld een stukje onderzoek of  een groter practicum.

Toekomstmuziek?
Met zo’n opzet zou een student zelf kunnen kiezen in welk onderwerp hij of zij zich extra wil verdiepen. Zo zou ook een relatief kleine opleiding als de onze via verdiepende leerpaden binnen vakken, een stukje specialisatie aan kunnen bieden aan kleine groepjes studenten – iets wat met enkel contactonderwijs (financieel) mogelijk minder haalbaar is. Dat is natuurlijk niet 1-2-3 gerealiseerd en klinkt voor menigeen wellicht als toekomstmuziek. Zelf zou ik dit in eider geval graag op vakniveau eens verder willen uitdiepen.

Let’s do it!
Ik heb al heel veel materiaal in Canvas staan, dus het zou mogelijk een beperkte investering vragen om een eerste stap richting gepersonaliseerd en adaptief leren te zetten. Het idee alleen al geeft weer energie. Let’s do it!

Mijn juichmoment: significant betere tentamencijfers

Het zit erop. Mijn module met een blended learning opzet in Canvas werd vorige week afgesloten met het tentamen. De resultaten mogen er zijn! Iedereen, ja iedereen, heeft het eerste deel van de module gehaald. Chapeau!

Spannend
Toegegeven, ik vond het een spannend avontuur. Ik ben gestart vanuit mijn intrinsieke motivatie om de module Voortgezet Programmeren en Wiskunde verder te verbeteren. Ik wilde graag kijken of blended learning daaraan kan bijdragen. Canvas ondersteunde me daarbij. Al voor aanvang van de module zaten er meer dan 200 uur voor mij in het ontwikkelen van de blended opzet en het inrichten van Canvas. En inderdaad, ik heb me meer dan eens afgevraagd of het dat nou allemaal waard was. Gelukkig wel, zo blijkt nu.

Cohortvergelijking
Wekelijks was er een responsiecollege met direct aansluitend een werkgroep en een summatieve tussentoets. Week na week volgde ik de cijfers. De opzet van de tussentoetsen was 100% gelijk aan voorgaande jaren en daarmee waren de cijfers dus vergelijkbaar. Om te kijken of het huidige cohort studenten wellicht überhaupt beter of slechter presteert (tot nu toe) dan het cohort van vorig jaar vergeleek ik de cijfers voor twee eerdere modules van dit jaar en vorig jaar. Ik vond geen significant verschil in de studieprestaties van het vorige en het huidige cohort.

5 van de 8 summatieve tussentoetsen significant beter gemaakt
In voorgaande jaren werd bij mijn module Voortgezet Programmeren de toets van de eerste week altijd slecht gemaakt. Studenten hadden zich niet voorbereid en wisten ook niet wat ze moesten verwachten van zo’n summatieve toets. Door de verplichte formatieve toets (je moest deze doen om je summatieve toets te kunnen laten meetellen voor je eindcijfer)  waren ze dit jaar wel voorbereid. Het resultaat daarvan was al in week 1 zichtbaar: de eerste tussentoets was significant beter gemaakt. Dit succes hield aan. Van de 8 tussentoetsen zijn er 5 significant beter gemaakt en 3 beter, doch (net) niet significant.

Moment of truth
De tentamenvragen heb ik laten screenen door twee collega-docenten. Zij beoordeelden het niveau van de vragen als tenminste gelijk aan vorig jaar, en eigenlijk iets hoger …  Ook hebben de collega-docenten steekproefgewijs wat tentamens nagekeken. En dan is daar ‘the moment of truth’… Je krijgt het enorme pak papier en je hart begint te bonzen. Tijd om na te kijken.  Wat een resultaat! Een significant betere tentamenscore dan vorig jaar.

Nadere analyse volgt
Via de learning analytics van Canvas en de evaluatie die ik heb uitgezet onder mijn studenten, beschik ik straks over nog veel meer data die ik ga analyseren om te kijken wat blended onderwijs zo succesvol maakt. Is er een verband tussen het tentamencijfer en de tijd online in Canvas? Wat is de SUS-score van Canvas? Hoe staan de studenten tegenover blended learning? Op naar de volgende blog!

Canvas-hulp bij ‘het leed dat nakijken heet’

Het hoort erbij: nakijkwerk. Je wilt immers toch een ‘bewijs’ van bekwaamheid zien van de student. Maar het geeft een hoop ‘gedoe’. Het is vooral de  administratie eromheen die vaak – onnodig – veel tijd kost en ergernis geeft. Gelukkig biedt Canvas functionaliteiten om dit leed te verlichten.

Administratieve kwelling
Voorgaande jaren stroomde mijn mailbox over. Studenten leverden werk per e-mail in. Liefst ook nog eens meerdere versies, want ‘oops’, ze waren toch nog wat vergeten … En ondanks mijn duidelijke instructies verstuurden studenten de mails te laat; voorzagen ze de mails niet van het juiste onderwerp; en vergaten ze in de documentnaam hun studentnummer of de naam van hun samenwerkingspartner te vermelden. Menig docent zal deze kwelling herkennen. Voor je aan het echte nakijken kunt beginnen… Via Blackboard was het al een stuk(je) beter. In Canvas gaat het nog makkelijker.

Automatische feedback
Voor mijn blended module heb ik alle formatieve toetsen afgenomen en nagekeken in Canvas. Dat werkt heerlijk! Canvas berekent automatisch het eindcijfer. En omdat ik vooraf alle goede en foute antwoorden van een uitgebreide toelichting had voorzien, ontvingen studenten ook nog eens automatisch feedback. Dat vroeg weliswaar om een flinke tijdsinvestering, maar verdient zich wat mij betreft dubbel en dwars terug. Om diverse redenen, nam – en neem ik ook komend jaar – de summatieve toetsen nog af op papier. Daarover vertelde ik al in mijn blog ‘Dilemmas bij summatief toetsen’.

Indeling in groepen
De wekelijkse groepsopdracht, waarin de studenten in groepsverband de vragen opstellen die ze behandeld willen zien in de responsiecolleges, liet ik via Canvas indienen. Canvas deelt (desgevraagd) de studenten automatisch in in groepen. Ik vroeg de studenten om de opdracht gezamenlijk in te leveren; dus één inzending per groep.

Aangeven hoe opdrachten in te leveren
Je kunt in Canvas aangeven hoe studenten de opdracht mogen (of moeten) inleveren. Je kunt kiezen uit: online, op papier of via een externe tool. Bij online kun je weer kiezen uit: eenvoudige tekstinvoer, een url, of voor bestanden – waarbij je dan uiteraard het bestandtype weer kunt instellen. Ik koos voor bestanden in Word of PDF.

Pushbericht bij ingeleverde opdracht
Bij de notificaties (mededelingen) had ik ingesteld dat ik graag een pushbericht wilde ontvangen in de Canvas-app én in mijn mailbox wanneer een opdracht ingeleverd werd. In de loop van de cursus vond ik een pushbericht in de app eigenlijk wel voldoende, en heb ik ‘ontvangen van een mailbericht bij een submissie’ uitgeschakeld.

Nakijken met de Speedgrader
Het administratieve deel van het nakijken werd zo een eenvoudig te klaren klusje. Dan het nakijkwerk zelf….. Je kunt alles downloaden. Een andere optie is de functionaliteit SpeedGrader. Hiermee kun je eenvoudig submissie voor submissie langslopen en direct in het document je feedback geven: tekenen, doorhalen, eigenlijk alles wat ik nodig had. Daarnaast kun je bij het document ook nog algemene feedback geven en aangeven dat je feedback (zowel in als bij het document) naar de student of groep studenten gestuurd mag worden. Via de SpeedGrader kun je ook een cijfer toekennen en dat komt dan automatisch in het Gradebook te staan. Ik keek alles zelf na met de Speedgrader, maar je kunt de studenten ook makkelijk elkaar laten beoordelen via peer feedback.

Canvas maakt me blij. Allereerst door hoe het onderwijsvernieuwing ondersteunt, en  ook niet onbelangrijk: omdat het taken verlicht die ik tot de categorie ‘noodzakelijk kwaad’ reken.